Een prachtig ‘volwassen’ boek over Heineken 1949-1988. Deze fascinerende geschiedenis van Heineken na de Tweede Wereldoorlog wordt gekenmerkt door groei en internationalisatie, die werd bepaald door de toenemende kwaliteit van het bier, de organisatie, alle toegepaste technologie en techniek, het reclame-, verpakkings- en merkenbeleid, een bijna conservatief te noemen financieringspolitiek (een lage dividend ‘pay-out’ en dus sterke reserveringsvormen) en ten slotte een gezond opportunisme, met zo nu en dan dan de onontbeerlijke dosis geluk. Neem voor meer informatie over deze uitgave contact op met Michiel Haans, (06) 426 23 681.
Uit het voorwoord:
In 1948 verscheen – ter gelegenheid van het 75-jarig bestaan van de vennootschap – een gedenkboek onder de titel ’Korte Geschiedenis der Heineken’s Bierbrouwerij Maatschappij N.V. 1873-1948’. Zowel binnen als buiten de onderneming is meermaals de behoefte aan een vervolg kenbaar gemaakt. De periode van sterke groei en verdere internationalisatie na de Tweede Wereldoorlog diende te worden vastgelegd. Bij diens vertrek in april 1988 verzocht ik dan ook mijn collega Van der Werf zich hiermee te belasten. Hij had toen bijna 40 jaar bij Heineken gewerkt, waarvan de laatste negentien jaar als lid van de Raad van Bestuur. Net zo min als in het eerste boek werd ook nu niet gestreefd naar volledigheid, maar naar een beschrijving van de belangrijkste ontwikke lingen van het concern. Ik bied u hierbij dit boek met veel genoegen ter lezing aan.
A.H. Heineken
1. Een korte historische terugblik
De geschiedenis van Heineken begint op 16 december 1863. Gerard Adriaan Heineken kocht op die dag aan de Nieuwe Zijds Voorburgwal te Amsterdam brouwerij De Hooiberg, op dat moment de grootste brouwerij in de hoofdstad. De firma Heineken en Co. was een feit. De nieuwe eigenaar vergrootte de omzet binnen enkele jaren zodat een grotere brouwerij noodzakelijk werd. In 1867 werd aan de Amsterdamse Stadhouderskade begonnen met de bouw van een nieuwe brouwerij. Op 4 januari 1873 besloot men tot de bouw van een nieuwe vestiging in Rotterdam. Eén jaar later werd deze brouwerij, gelegen aan de Croos- wijkse Singel, in produktie genomen. Inmiddels was op 11 januari 1873 de vennootschap onder firma omgezet in Heineken’s Bierbrouwerij Maatschappij NV (HBM).
Het was opmerkelijk hoe snel G. A. Heineken het belang inzag van de zich in Duitsland afspelende overgang van het bovengistende naar het ondergistende bier. Hij richtte zijn aandacht op Duitsland en stelde in 1869 de Duitser Wilhelm Feltmann tot brouwmeester aan. G.A. Heine ken doorkruiste heel Europa op zoek naar de beste grondstoffen. Een eigen laboratorium, in die tijd uniek voor de brouwerij wereld, waakte over de kwaliteit van grondstoffen en eindprodukt. Baanbrekend werk werd eveneens verricht op het gebied van de reincultuur. Dr. Elion, uit de school van Louis Pasteur, ontwikkelde in 1886 het Heineken A-gist, dat nog steeds de basis vormt voor de specifieke smaak van het Heineken bier. G.A. Heineken wilde bier van de allerbeste kwaliteit brouwen. De bekroning op zijn werk was de gouden eremedaille die de brouwerij in 1889 op de wereldtentoonstelling in Parijs behaalde.
Bij het overlijden van G.A. Heineken op 18 maart 1893 was de brouwerij intussen uitgegroeid tot één van de grootste en belangrijkste in Nederland. Heineken verkocht reeds zo’n 200.000 hectoliter bier, terwijl de gemiddelde Nederlandse brouwerij in die tijd slechts 3000 hectoliter afzette. Dit succes was gebaseerd op een kwalitatief hoogstaand produkt, de grote financiële draagkracht van de onderneming, de vaste binding in de horeca tussen Heineken en haar afnemers en een krachtdadige leiding van de directie.
Tegen het einde van de negentiende eeuw werd Heineken geconfronteerd met een toenemende concurrentie van Amstel, Van Vollenhoven, Oranjeboom en Duitse brouwerijen. Een uitdaging waarop een passend antwoord werd gevonden. De verkoopprijs werd – na lang aarzelen – enigszins verlaagd. Bovendien werd op de horecamarkt flink geïnvesteerd in uitbreiding van het aantal afnemers. Zo wist Heineken haar omzet gestaag te vergroten. De groei die de onderneming doormaakte, werd in 1914 tijdelijk onderbroken door de gevolgen van de Eerste Wereldoorlog.
Dr. Henry Pierre Heineken, zoon van G.A. Heineken, gaf leiding aan de verdere uitbouw van het bedrijf. Hij beschouwde het als zijn levenstaak de techniek van het bierbrouwen te vervolmaken. Dr. H.P. Heineken was op 1 oktober 1914 tot de directie toegetreden en op 1 april 1917 benoemd tot president-directeur. Hij zou deze functie tot 1 februari 1940 vervullen en daarna als gedelegeerd commissaris tot 1951 nauw bij de brouwerij betrokken blijven. In de periode tussen de beide wereldoor logen stond de binnenlandse bierconsumptie onder druk. Ook Heineken ontkwam niet aan de gevolgen van de economische crisis van de jaren dertig. Wellicht bracht deze situatie de directie tot een koerswijziging, die leidde tot export naar België, Engeland, West-Afrika, het toenmalige Nederlands-Indië en West-In- dië. In 1933 zou Heineken als éérste buitenlandse brouwerij na de drooglegging bier naar de Amerikaanse markt exporteren. Tevens kan reeds hier melding worden gemaakt van I leinekens eerste participaties in buitenlandse brouwerijen in Brussel, Singapore, het voor malige Soerabaja en Léopoldville.
De jaren tijdens de Tweede Wereldoorlog betekenden voor de brouwerij stilstand en dus achteruitgang. Met alle mogelijke middelen werd geprobeerd de produktie in stand te houden. Na de bevrijding wachtte de directie de zware taak om Heineken weer tot een krachtige, succes volle en welvarende onderneming te maken.